Acuut MI?

i6271036

Je ziet een 91 jarige man die verteld last te hebben van acute kortademigheid en pijn op de borst. Vraagstelling: Is er sprake van een acuut myocardinfarct?

Sinusritme?
– Een P-top (boezemcontractie) gaat vooraf aan een QRS-complex: Ja
o Voor elke QRS een kleine golf
– Op iedere P-top volgt er een QRS-complex: Ja
– Ritme is regelmatig: Ja
– Frequentie ligt tussen 60-100/min: Ja
– Maximale hoogte van de P-top is 2,5mm in II en/of III: Ja
– P-top is positief in II en AVF en bifasisch in V1: Bifasisch in V1 niet (duidelijk)
Frequentie
1. De aftelmethode (het liefst te gebruiken bij een normaal sinusritme). Hierbij gebruikt men de sequentie 300-150-100-75-60-50-43-37. Men begint met aftellen bij een willekeurige R-golf (liefst een die toevallig op een dikke lijn valt). Dit is het startpunt. Als de volgende R na 1 groot hokje volgt, is de frequentie 300/min., na 2 grote hokjes 150/min., na 3 grote hokjes 100/min., etc. Valt de volgende R halverwege een groot hokje, dan kan er gemiddeld worden.
2. De kleine (1 mm) hokjes tellen tussen twee QRS-complexen. Omdat de standaardsnelheid van het papier 25 mm/sec. is:
Deze methode is vooral handig bij het meten van een snelle hartslag (> 100 slagen/min.)
3. De 3-seconde-marker-methode (te gebruiken bij onregelmatige ritmen). Tel het aantal QRS-complexen die binnen een tijdsbestek van 3 seconden vallen (tussen twee markers die sommige ecg-apparaten aangeven). Deze vermenigvuldigt men dan met 20. Dit levert het aantal slagen per minuut.
100 slagen/min (10 QRS in ritmestrook)
Geleidingstijden
PQ – ±80 ms  verkort
QRS – 160 ms  verbreed
QT – 400 ms?
V1 negatief dus LBTB
Aspecifieke IVCD (interventriculaire geleidingsstoornis)
(geen klassiek LBBB of RBBB-patroon?)

Hartas
QRS negatief in II en aVF  linkerhartas

P-top morfologie
Normale amplitude en geen aanwijzing voor een vergroting van de atria.

QRS-morfologie
Pathologische Q-golf: Niet duidelijk; niet direct infarct specifiek
Linker- of rechterventrikelhypertrofie: Nee, te lage voltages
Microvoltages: Nee
Breed QRS-complex: 159 ms  breed (QRS negatief in V1  LBTB?)
R-top progressie: Geen R-top progressie

Aspecifieke geleidingsstoornis

ST-morfologie
Geringe afwijkingen van de T toppen in laterale afleidingen. ST segmenten vertonen geen duidelijke elevaties.
Geen typische ST-ischemie

Vergelijking oud ECG
– Geen inzicht in oudere ECG’s

Conclusie
– Sinusritme
– Dit ECG past niet bij een acuut MI
– Geen duidelijke ST-elevaties/tombstone segmenten
– Geen duidelijke pathologische Q golven
– Aspecifieke geleidingsstoornis