ECG bij patient bekend met AF wv DOAC na val van trap

i6276849

82 jarige patient met in de voorgeschiedenis atriumfibrilleren waarvoor gebruik van DOAC (edoxaban) presenteerde op de spoed na een val van trap zonder bewustzijnsverlies.
Gezien de voorgeschiedenis, hypoxie (sat 93%), en verhoogd D-Dimer (5.8 mg/L) was de vraagstelling of er afwijkingen op het ECG te zien zijn.

Resultaten

Tijdens lichamelijke onderzoek was een regelmatige pols te voelen.
Het ECG toonde een frequentie van 118 spm en een linker hartas. Een rechter bundeltakblok (RBTB) werd herkend door de brede QRS complex (134 > 120ms). Bovendien was er een rSR’-patroon in leads V1, V2, en V3 te zien. Op V6 kon er ook een slurring van de S-golf gezien worden.

Conclusie

Volgens de cardioloog was er een sinustachycardie met sinusaritmie, PAC’s, PVC, intermitterend RBTB, geen ischemie.
Er was geen reden voor een cardiologie consultatie voor de RBTB, gezien ook de patient zonder symptomatiek zoals hartkloppingen of syncope was.