i6260474
Casusbeschrijving:
Dhr. Z. (86 jr) presenteert zich op de SEH met een delirant beeld – o.b.v. een onderliggende hyponatriëmie door een SIADH – waarvoor hij wordt opgenomen op de verpleegafdeling geriatrie.
Vraagstelling:
In de ochtend is er door de verpleging bij dhr. een flink verhoogde pols van 153/min gemeten. Daarom is besloten een ECG te maken om de pols nauwkeurig te kunnen bepalen en om uit te sluiten dat er sprake is van nieuwe hartritme problematiek. Dhr. is in de voorgeschiedenis namelijk al bekend met 2 ritmestoornissen (AF & RBTB). Bovendien heeft dhr. ooit een MI doorgemaakt.
Interpretatie:
1. Hartritme: sinusritme, elke P-top wordt gevolgd door een QRS-complex. Echter onregelmatig en chaotisch patroon → hieruit blijkt inderdaad AF
2. Hartfrequentie: 83 bpm
3. Hartas: + in I, – in II → linker hartas (-60)
4. Geleidingstijden:
– PQ-interval: niet te beoordelen wegens AF
– QRS-duur: 135 ms, dus verlengd
– QTc-tijd: 486 ms, dus licht verlengd
5. P-top morfologie: geen bijzonderheden, positief in I, II, aVF en bifasisch in V1
6. QRS-morfologie: tekenen van geleidingsvertraging o.b.v. verbreed QRS complex en bifasische R-top in afleiding V1 → hieruit blijkt inderdaad RBTB
7. ST-morfologie: gb, ST-segment is gelijk aan de basislijn
Vergelijken oud-ECG (20-8-2025): geen opmerkelijke veranderingen waarneembaar
Conclusie:
De pols van dhr. blijkt 83/min. De meting van vanochtend was blijkbaar foutief. Daarnaast zijn er geen nieuwe ritmestoornissen te zien dan de twee die al bekend waren bij dhr. Z.

