i6190445
Casusbeschrijving: 67-jarige man, wordt bij toeval irregulaire pols gevoeld en bij navraag is er sprake van dyspnoe d’effort.
Vraagstelling: Waar is hier sprake van en hoe verklaart dit de dyspnoe d’effort?
Interpretatie ECG:
1. Hartritme
Monomorfe P-toppen met frequentie van 300/min
2. Hartfrequentie
75-80/min (60-100/min), regulair.
Bijna precies 4 grote blokjes, iets minder.
3. Hartas
Intermediaire hartas.
Lastig te zeggen of in aVF ook een negatieve component aanwezig is, of dat deze direct doorloopt in de monomorfe P-top van de atriale flutter. Is deze wel een beetje negatief, dan is in II wel positief dominant en alsnog een intermediaire hartas. Stel II is negatieve component dominanter dan heb je te maken met linker hartas.
4. P PQ QRS ST T
P: monomorfe toppen passend bij atriale flutter + iets verlengd (˜160 ms)
PQ: <210 ms (kijkende naar II, alleen laatste P-top vóór QRS complex)
QRS: 105 ms (verlengd, geen sprake van BTB?)
ST-segment: niet te beoordelen
QTc: 359 ms (normaal)
T-top: niet te beoordelen
5. Oud ECG?
Geen eerdere ECG.
6. Conclusie
Atriale flutter.
Antwoord vraagstelling:
Er is sprake van een atriale flutter en door de atriale ritmestoornis past de ventrikelfrequentie zich niet goed aan de lichamelijke behoefte aan. Deze patiënt ontwikkelde daardoor een dyspnoe d'effort, deze Aflut is dus alleen symptomatisch te zien bij inspanning.
