ECG opdracht Nina Mille

ECG-onderwijs terugkomdag 1 Coschap Beschouwend (03-06-2019)

Door: N.L.A. Mille

Casus beschrijving:

Man, 81 jaar
Reden van komst: Dyspnoe d’effort en druk op de borst. Meneer heeft soms kortademig gevoel maar goede saturatie; mobiliseert goed, verzorgt zichzelf

Datum ECG: 10-05-2019; snelheid25,0 mm/s en gevoeligheid 10,0 mm/Mv

ECG beschrijving:

  1. Ritme: er is sprake van een irregulair ritme waarbij de afstand tussen de QRS complexen varieert en niet iedere p-top door een QRS complex wordt gevolgd. P-toppen zijn echter wel positief in zowel afleiding I, II en aVF wat erop duidt dat het signaal wel wordt opgewekt in de sinusknoop in de atria maar niet met een regulair ritme wordt doorgegeven aan de ventrikels via de AV knoop, mogelijk duidend op atriumfibrilleren.
  2. Frequentie: Het 3e QRS complex in afleiding I valt mooi op een dikke lijn dus is er in dit geval geteld vanuit dat QRS complex tot aan het volgende. Als je uit gaat van de regel één hokje er tussen = 300/min, twee hokjes ertussen = 150/min, meer hokjes = 100 -75-60-50-40 dan kom je uit op ongeveer 70 slagen per minuut. Echter als je vanuit het 4e tot aan het 5e QRS complex of het 5e tot het 6e complex telt dan kom je bij beiden uit op 100 slagen per minuut.
  3. Geleidingstijden:  1 klein hokje = 40ms, 1 groot hokje = 200ms
  • PQ interval = het PQ interval varieert van 1 groot hokje tot 2 grote hokjes of groter dus van 100 tot >200ms (normaal <210ms). Kan duiden op een AV blok maar het is niet iedere keer
  • QRS = het QRS complex is in afleiding I en II ongeveer 2 kleine hokjes breed dus 80ms terwijl het in afleiding V2, V3 en V3 meer dan 3 kleine hokjes breed is en dus >120ms is (normaal 60-100ms). Duidt erop dat de ventrikels niet helemaal synchroon worden geactiveerd bijvoorbeeld door een LBTB of RBTB
  • QT interval = het QT interval is ongeveer 1,5 groot hokje breed dus 300ms. Echter aangezien is er sprake is van een irregulair ritme kun je hierbij het beste corrigeren door de QT tijd te delen door de wortel van de RR afstand = 300ms/ √4 = 75ms (normaal <0,44ms
  1. Hart-as: het QRS complex is positief in afleiding I en aVL maar negatief in afleiding II en aVF dus de hartas zal ergens tussen de -30 en -90 liggen => linkeras
  2. P-top: p-toppen zijn positief in afleiding II en bifasisch in afleiding V1. De p-toppen zijn ongeveer 3 kleine hokjes breed en dus 120 ms (normaal <120ms) en over het algemeen niet hoger dan 2 kleine hokjes (<2,5mm). De p-toppen hebben niet allemaal dezelfde vorm
  3. QRS-morfologie: In V2, V3, V4 en V5 worden pathologische Q golven gezien. Bij sommige QRS complexen is er sprake van een verbreed (>120ms) complex wat waarschijnlijk wordt veroorzaakt door een vertraging in het geleidingsysteem hierbij denkend aan een bundeltakblok. Je ziet bij V1 t/m V4 eerst een beetje positieve ontlading en dan een negatieve ontlading wat kan komen door de vertraging tussen het linker en rechter ventrikel. Aangezien het eerst positief wordt en dan negatief lijkt dit op een linkerbundeltakblok omdat de laatste activiteit in het linkerventrikel zit en dus naar links gaat van V1 af.
  4. ST-morfologie: in afleiding aVL zijn de t-toppen negatief. In afleiding I lijkt er sprake te zijn van ST-depressie en in afleiding V2, V3 en V4 van een ST-elevatie (wat kan duiden op een (oud) voorwand infarct).

 

 

Interpretatie:

  1. Vergelijking oude ECGs:

ECG van 30-04-2019

Irregulair ritme lijkend op atriumfibrilleren en pathologische Q-golven en ST-elevaties in verscheidene afleidingen zoals V2, V4 en V5 duidend op een (oud) infarct

  1. Conclusie: atriumfibrilleren, LBTB, (oud) infarct