VG: mammacarcinoom, AF, COPD, DMII, PMR, decompensatio cordis, poly myalgie reumatica, pacemaker, erysipelas, OHCA (out of hospital cardiac arrest), klierextirpatie axillair links.
Mw. S. van 84 jaar, uitgebreid cardiaal en pulmonaal bekend. 4 maanden geleden nog een out of hospital cardiac arrest gehad. Ligt opgenomen met een recidief erysipelas, waarvoor zij clindamycine 3dd600mg voor 14 dagen krijgt. Ook is er sprake van levertestafwijkingen en chronisch stabiele nierinsufficiëntie. Kort na inname van antibiotica ontstaan pijn in regio epigastrio. Ca. 1,5 uur later straalt de pijn uit naar de rug en af en toe naar de kaken. Gezien de cardiale voorgeschiedenis wordt een ECG gemaakt om ischemie van het hart uit te sluiten.
- Ritme: atriaal en ventriculair gepaced ritme, want er zijn geen P-toppen zichtbaar en er zijn atriale (aVR, V1 V2) en ventriculaire (V4 en V5) spikes zichtbaar. Patiënte heeft een DDD-pacemaker 2 kamer voor brady-tachy-syndroom (AT/AF) (sick sinus syndroom) met arresten tot 6 seconden. Deze paced in het rechter atrium en rechter ventrikel.
- Frequentie: 300 / 5 blokjes = ca. 60 slagen per minuut.
- Hart-as: afleiding I is positief en aVF is negatief. Er moet naar II gekeken worden om onderscheid te maken tussen een intermediaire hart-as en een linker hart-as. II is bij deze patiënt negatief. Er is sprake van een linker hart-as.
- P-toppen: zijn niet aanwezig door sick sinus syndroom. In aVR, V1 en V2 zijn atriale pacemakerspikes zichtbaar.
- QRS-morfologie: verbreed QRS complex van 194 ms. Dit komt door de pacemaker, omdat door een pacemaker geen gebruik gemaakt wordt van de bundel van His en de Purkinje vezels. Hierdoor is de geleiding vertraagd, omdat deze van myocardcel naar myocardcel gaat.
- ST-morfologie: Er zijn geen ST- elevaties zichtbaar. Echter zijn er wel J-punt elevaties (tussen QRS en T) in II, III, AVF, V3, V4, V5, V6. J-punt depressies zichtbaar in I, AVL.
- Vergelijken oud ECG: 10.04.2019: laat een vergelijkbaar beeld zien.
- Conclusie: Ischemie niet te beoordelen met dit ECG. Pacemaker kan J-punt elevaties geven. Echter geen grote evidente veranderingen op ECG 10.04. Klinisch is er gekozen om troponine T en CK te meten in het bloed. Dit is gedaan na bepaalt van een eerder lab deze dag, op het moment van de klachten en vier uur na het ontstaan van de klachten. Lab 08:00: CK 33, troponine T 73. Lab 14:00: CK 41, troponine T 76. Lab 17:00: CK 39, troponine T 71. Er was geen sprake van een acute verhoging, waardoor ischemie uiteindelijk is uitgesloten.
